Wethouder financiën draagt zorgen over aan volgend stadsbestuur

De gemeente Leiden hield in 2021 € 13,7 miljoen over. Daarvan had ruim € 13,2  miljoen wel een bestemming maar werd de besteding uitgesteld. Dus houdt echt een half miljoen euro over, ongeveer 0,1% van het totale stadsbudget (€ 549 miljoen) voor vrije besteding. Hoe let B&W. goed op het geld van de Leidenaren?

door Hans Schuurman

Het is de laatste jaarrekening van het college van B.&W. over de afgelopen bestuursperiode meldt op blz. 1 over haar financiële verantwoording zeer  tevreden te zijn (met zichzelf). “We hebben de stad flexibel en met zeer veel inzet bestuurd in dit (corona) jaar. De stad is nu groener, woningen zijn bijgebouwd, er is gewerkt aan een betere bereikbaarheid, grotere bestaanszekerheid, veiligheid én gezondheid  van de stad”. Maar vooruit blikken doet dit college liever niet . Op 8 juni treedt een nieuw ploeg wethouders aan die met hun beleidsakkoord hun toekomst plannen ontvouwt mét financiële onderbouwing.

Onzekere tijden.

Waren voor de meeste Leidenaren dit coronajaar spannend en  onzeker, de gemeente kreeg bakken geld uit Den Haag om de meeste het leed te verzachten. Wethouder Paul Dirkse van Financiën leende, zelf spreekt hij liever over investeren, de afgelopen jaren grote bedragen tegen gunstige rentetarieven. “Soms kreeg ik geld toe”, zegt hij trots. En hij vervolgt: “Renteschommelingen bij (her)financiering kunnen straks wel zorgen voor onverwachte mee- en tegenvallers”. “Naarmate de schuldpositie toeneemt, wordt de gemeente relatief kwetsbaarder”, is zijn boodschap aan zijn opvolger. En ook zonder glazen bol kan gevoeglijk worden aangenomen dat toekomstige geplande uitgaven vanwege hogere energiekosten, loonstijging weleens veel duurder zullen uitvallen.

Mee- en tegenvallers.

Het Rijk, de grootste sponsor van de gemeente, heeft zijn financiële toedelingscriteria aangepast en Leiden behoort dit keer nou eens bij de zogenaamde  ‘voordeelgemeenten’. Bij tekorten met name in het sociaal domein, voert de gemeente graag  het Rijk op als ‘kwade Pier’.  Bij de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) heeft de gemeente sinds 2020 tekorten door de invoering van het zogenaamde abonnementstarief. De (maximale) eigen bijdrage van € 19,- per maand per huishouden die een aanzuigende werking bleek te hebben op hulpen in het huishouden. Ook eens een meevaller in de Wmo bij maatwerkvoorzieningen. Dit zijn vergoedingen voor persoonlijke begeleiding en woningaanpassingen. Op de tekorten voor jeugdzorg loopt de gemeente zo’n beetje leeg, dit is sinds 2020 ook hun verantwoordelijkheid. Onder haar ogen ontstond een heel nieuw verdienmodel van jeugdzorg instellingen. Hadden eerder 1 op de 17 kinderen betaalde die geestelijk – verstandelijk zorg, nu zijn dat er 1 op 7.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.